Skip to main content

Bloedgas interpretatie

Bij een bloedgas analyse worden de volgende parameters doorgaans bepaald: pH, PaO , PaCO , standaard bicarbonaat (SB), base excess (BE) en lactaat.

De volgende waarden in een bloedgas worden berekend: SB, BE en O2 saturatie (behalve als een Co-oximeter gebruikt wordt).

De pH is een negatief logaritme van de waterstofionenconcentratie in het bloed (een afname in pH van 7.0 naar 6.0 betekent een tienvoudige toename van H+ ionenconcentratie).

  • Normaalwaarde pH: 7.35 – 7.45.
  • Normaalwaarde bicarbonaat: 22 – 26 mmol/l
  • Normaalwaarde PaCO2 36 – 44 mm Hg of 4.5- 6.0 kPa (varieert enigszins per laboratorium)
  • Base Excess: De hoeveelheid zuur of base dat aan bloed toegevoegd moet worden om bij een pCO2 van 40 mmHg een pH van 7.40 te krijgen
    • Nadelen: in-vivo verandert SBE onder invloed van pCO2, Hb moet constant blijven, geeft geen informatie over regulatiemechanismen

Regulatie middels het langzame renale als het snelle respiratoire systeem.

Interpretatie bloedgas / benadering

  • STAP 1: Is de pH normaal?
    • Als de pH < 7.35 spreken we van acidemie.
    • Als de pH > 7.35 spreken we van alkalemie
  • STAP 2: Is er een metabole, respiratoire of gecombineerde afwijking?
    • Bij metabole acidose is de SB < 22 mmol/l
    • Bij metabole alkalose is de SB > 26 mmol/l
    • Respiratoire acidose treedt op bij PaCO2 > 6kPa (45mmHg) 
    • Respiratoire alkalose treedt op als PaCO2 < 4.5 kPa (35mmHg).
  • STAP 3: Is de metabole of respiratoire afwijking volledig, gedeeltelijk of niet gecompenseerd?
    • Een respiratoire of metabole afwijking kan voorkomen met of zonder acidemie of alkalemie. Dit komt omdat het lichaam elke afwijking in de pH wil normaliseren en compenseren.
    • Voorbeeld 1: bij een metabole acidose, zal het ademhalingscentrum gestimuleerd worden en zal de patiënt dus hyperventileren. Dit zorgt voor een daling van de CO2 waarde, wat resulteert in een respiratoire alkalose. In dit geval zal de pH in het begin normaal blijven omdat het respiratoire systeem compenseert, maar uiteindelijk zullen de compensatiemechanismes falen, wat uiteindelijk leidt tot een acidemie.
    • Voorbeeld 2: Een kind in diepe shock, met een sterk gedaald bewustzijn, zal niet in staat zijn om de respiratoire inspanning te verhogen, waardoor het zich zal aanbieden met een beeld van metabole en respiratoire acidose, zonder tekenen van compensatie.

Verwachte compensatiore respons

  • Metabole acidose
    • Voor iedere mmol/l daling van de bicarbonaatconcentratie daalt PaCO2 met 1.2 mm Hg (=0.16 kPa)
  • Metabole alkalose
    • Voor iedere mmol/l stijging van de bicarbonaatconcentratie stijgt PaCO2 met 1 mm Hg (=0.13 kPa)
  • Respiratoire acidose acuut
    • Voor iedere 10 mm Hg (=1.33 kPa) stijging van de PaCO2 stijgt de bicarbonaatconcentratie met 1 mmol/l
  • Respiratoire acidose chronisch
    • Voor iedere 10 mm Hg (=1.33 kPa) stijging van de PaCO2 neemt de bicarbonaatconcentratie toe met 3.5 mmol/l
  • Respiratoire alkalose acuut
    • Voor iedere 10 mm Hg (=1.33 kPa) daling van de PaCO2 neemt de bicarbonaatconcentratie af met 2 mmol/l
  • Respiratoire alkalose chronisch
    • Voor iedere 10 mm Hg (=1.33 kPa) daling van de PaCO2 neemt de bicarbonaatconcentratie af met 5 mmol/l

Normogram bloedgas

Zuurbase diagnostisch nomogram
Zuurbase diagnostisch nomogram​1​

Referenties

  1. 1.
    Müller-Plathe O. A Nomogram for the Interpretation of Acid-Base Data. Clinical Chemistry and Laboratory Medicine. 1987. doi:10.1515/cclm.1987.25.11.795

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *